Het deurtje van Willaert

En dat was dan Titiaan. Met een muzikaal feest hebben we onze Italiaanse serie in de Laurens geopend. Uiteindelijk viel alles op zijn plaats, en konden we het publiek weer op verrassingen tracteren. 


Zou iemand het deurtje boven in de muur weleens gezien hebben? Waarschijnijk niet in geopende toestand. Mijke begon van daaruit haar eerste noten van 'O dolce vita mia' ,  nog helemaal onbegeleid. Ik moest zorgen dat ik op tijd bij mijn stoel en lessenaar was om haar, na de eerste zin, van een baslijn te voorzien. En vervolgens druppelde ook de rest van het ensemble een voor een binnen, culminerend in een groots crescendo. Het bleek een goede opmaat voor de Sonate van Albinoni. Ook Venetiaanse muziek, maar wel van een kleine tweehonderd jaar later. Zo konden de oren zich eerst op muziek instellen voordat Ruurt met zijn tekst begon. `Stil' was zijn eerste woord, dat klonk in de stilte, die was ontstaan vanuit de laatste maten van het langzame deel van Albinoni.

Één stuk hadden we niet in het programma gezet. Elsina wilde muziek hebben als Titiaan over zijn liefde voor Venetië spreekt. We hadden een bekend stukje uit Vivaldi's Jaargetijden uitgezocht, zoiets herkent iedereen. Het langzame deel uit de Winter. Het zou achtergrondmuziek voor de tekst worden en misschien slechts een fragment. Uiteindelijk hebben we het toch in zijn geheel gespeeld, ondersteund door Mijke als neuriënde kokkin. Zo'n keuze wordt laat gemaakt, maar dat is een voordeel van deze wijze van werken.

Overdag hadden we nog een gesprek met Jack Wouterse voor TV-Rijnmond (wordt eind van de maand uitgezonden), die doorvroeg over de gelijktijdigheid van tekst en muziek. 'Is de muziek dan niet heilig?'. Ik geloof zeker dat je verantwoord met dergelijke keuzes om moet gaan, dat bovendien verstaanbaarheid in zo'n kerk een extra probleem kan zijn. Maar ik heb al teveel momenten meegemaakt waarbij er sprake was van een meerwaarde, een versterking van de emotionele impact, dat het zonde zou zijn die kansen te laten liggen. En de componisten zelf hebben herhaaldelijk laten zien hoe weinig ze doorgaans voelen voor die 'onaantastbaarheid' van de muziek.

De reacties van het publiek waren in ieder geval weer hartverwarmend. Verbaasd ook, over onverwacht mooie stukken, over de plek in de Laurenskerk die we hadden uitgekozen, over de akoestiek die hoorbaar werd in de 'Echo-sonate' van Marini. Er werd ons verzekerd hoe uniek dit format van ons is, dat nu in het derde jaar nog beter zijn vorm lijkt te vinden, en dat daar eigenlijk nog veel meer mensen naar toe moeten. Ik denk wel dat die mensen gelijk hebben. Ik zou ook niet weten waar ze iets soortgelijks doen, hoewel de combinatie van tekst en muziek elders zeker vaker gebruikt wordt en met mooie resultaten. En natuurlijk willen we best meer publiek, misschien geen volle kerk, maar zo dat je het programma daarvoor vaker kunt uitvoeren. Maar ik was ook niet ontevreden met de toeloop, die steeds beter lijkt te worden. We zitten nog vol plannen en er zijn nog bibliotheken vol partituren die verdienen gehoord te worden, dus als we de kans krijgen de serie nog jaren voort te zetten en steeds weer te verbeteren, dan moet het zichzelf kunnen bewijzen.

Eerst maar aan de slag voor de Hertogin van Ferrara, de volgende aflevering, op 2 november. Dat belooft weer een hele andere voorstelling te worden, waar ik nog niet teveel over ga verklappen. Binnenkort zal het muzikale repertoire op de website worden gepubliceerd en zullen er meer tipjes van de sluier worden opgelicht.